Home Column Love your family
Love your family Afdrukken E-mail

Daar stond ie dan met zijn jas over de arm en zijn koekjes (die over waren van de dag), startklaar, klokslag zes uur…de winkel ging dicht , dus hij ging naar huis want het was bijna tijd. Dat er nog werk zat te doen was nadat de winkeldeur op slot gaat, daarmee had hij niks te maken….hij was klaar en gerechtigd om naar huis te gaan. Wij, werkten daarna nog minstens een half uur door, soms langer, om de boel ‘aan kant’ te krijgen. Leveranciers die hun dozen in de winkel hadden gedumpt, de koelvitrines die moesten worden schoongemaakt en afgesloten en last but not least…de grote afwas die op ons stond te wachten in de piep kleine keuken. Zuchtend en hoofdschuddend lieten we het elke dag maar oogluikend toe, want ‘meneer’ was echt niet van zijn standpunt af te brengen. Hebt u dat ook wel eens meegemaakt dat mensen er de ‘kantjes aflopen’???


Ik ben opgegroeid in een minidorp in Friesland, dicht bij de zee, die op loopafstand te bekijken was, en de mensen spraken alleen Fries. We waren vanuit Indonesië per boot naar Nederland overgebracht vlak na de oorlog en in dit ‘ only Friesk-sprekende gat’ gedumpt door de Nederlandse regering. Wij alleen, geen andere Indo’s. Als kind leer je snel een andere taal, maar voor mijn ouders en oma, die ook verplicht bij ons inwoonde, was dat erg moeilijk. Maar gelukkig hadden ze elkaar en ons natuurlijk om alle Friese gesprekken met buren en van alles wat aan de deur kwam, te vertalen….hahahha, want een opruchte Friesk (betekent: oprechte Fries) spreekt geen Nederlands maar zijn eigen Friese taal en zijn eigen Friese vlag wappert in de provincie. Eigenlijk wel grappig als ik eraan denk.


Mijn oma stond vaak in de keuken, omdat ze dat graag deed en omdat ze anders niks te doen had. Maar oma was gewend aan veel bedienden in Indonesië, waar ze een plantage van enkele hectares hadden, er werd ook door hen gekookt , op de kinderen gelet en..de bedienden maakten ALLES schoon! Dus, toen oma bij ons in dat minidorpje in dat (in oma’s ogen) minihuisje met een minikeukentje stond te koken, werkte ze zoals ze altijd gedaan had…alles werd her en der rondgeslingerd en neergelegd (soms op de grond…) want de bedienden ruimden letterlijk alles achter haar op.



Maar hier was dat niet zo, hier moesten mijn vader (die zeer netjes was), moeder en wij de meisjes(!) het opruimen. Het gevolg was dat wij, bijna alle meisjes, van jongs af hebben geleerd om alles op te ruimen en schoon te houden en vooral in de keuken. Mooi meegenomen voor later toch? Ik ben trouwens blij dat ik het geleerd heb! Oma was al oud, en een ‘oude boom’verplant je niet makkelijk, dat gaat zeer moeilijk. Toch heeft oma enige moeite gedaan om het af te leren, maar het is helaas niet helemaal gelukt…hihihi. Lieve, bijdetijdse oma trouwens, ik hield erg veel van haar.


Toen Jezus eens een keer een zieke genezen had zei hij: neem u bed op en ga naar uw huis (Lucas 5 vers 24).  M.a.w.: laat je spullen niet rondslingeren, maar ruim het op! Goede raad voor sommigen die dit nooit doen, hun (christelijke) huis ziet er soms uit alsof je op de plaatselijke gemeentelijke vuilstortplaats bent aangekomen. Laat het niet te laat voor je zijn, zoals bij mijn lieve oude oma. In elk gezin/huishouding met vader, moeder en kinderen of een moeder met kinderen, moet er ook van alles gedaan worden en zijn er vaak taken, dat is helemaal niet slecht.



Er moet orde en netheid zijn in huis. Ook in Gods Huis. Wij Nederlanders hebben geleerd om de kerk (het huis van God) binnen te lopen en na de koffie en een babbeltje te vertrekken en kijken vaak niet om wat er nog gedaan moet worden in het huis/kerk. Jezus zei: de kerk/gemeente is OOK als een gezin, met een vader en moeder en (oudere) broers en (oudere) zussen, namelijk het huisgezin van God. Citaat uit Het Boek: 1 Timotheus 3 vers 15b: want de gemeente is het gezin van de levende God. En als wij het onszelf aangeleerd hebben om er de ‘kantjes ‘van af te lopen, zoals bovenstaand figuur, dan zijn de andere leden van het gezin daar absoluut niet happy mee. Maar het kan ook zijn dat we verkeerd zijn opgevoed, zoals mijn oma, en dan moeten we moeite doen om het af te leren.


Vroeger waren de gezinnen groter dan vandaag en hielpen (niet vrijwillig..hahah)  de oudere kinderen mee de kleintjes te verzorgen en mee op te voeden. Het zelfde geldt voor het huis van God, de ‘ouderen’ leiden de ‘jongeren’ mee op, onder leiding van het gemeente bestuur en de voorganger.
Wij hebben daarvoor een kadergroep en andere leidinggevenden over afdelingen (bijvoorbeeld de zondagsschool) in onze gemeente, die moeten het voorbeeld zijn en de ‘jongeren’ helpen om de gang van zaken te leren die in het ‘huis’ gelden. Met ouderen wordt niet bedoeld je leeftijd, maar je leeftijd in de groei van je geloof na je bekering en wedergeboorte. Dus je kunt een 65 jarige jongere zijn in het huis van God, en ga je leren van iemand die 35 is, maar die al 30 jaar gegroeid is in het huis van God.


Er zijn natuurlijk ook uitzonderingen, bijvoorbeeld een persoon die al 20 jaar in het huis van God ‘gezeten’ heeft, maar niks verder is gekomen in zijn persoonlijke wandel met de Heer en nog onveranderd is in zijn doen en laten, zulke personen moet je dus absoluut niet volgen. Daarom hebben wij coaches in de gemeente die je op weg helpen en je onder andere leren hoe je te gedragen in het huis van God te midden van al de broers en zussen. Zodat je ook al groeiende ‘een handje uitsteekt’ en je niet meer als een bezoeker of gast gedraagt, maar deel uitmaakt van het gezin van God. Er zijn veel Bijbelteksten die betrekking hebben op bovenstaand onderwerp; ik heb deze over het huisgezin van God uitgekozen.


Laten we vandaag nog beginnen om onze (geestelijke) familie lief te hebben door onze daden. En als het iemand niet lukt, vraag dan een ‘broer of zus’ om het je te leren, dat heb ik ook vaak gedaan.


Fe

 

Bijbelvers van de dag

Who's Online

We hebben 15 gasten online